Het boek
Het geheim van het Wehrmachthotel
Journalist Casper Postmaa wilde weten wie er vóór hem in zijn huis in het Haagse Nassaukwartier hadden gewoond. In de lijst met namen valt er één op: Joseph Thum, een Duitser uit Beieren.
Thum leidde tijdens de Tweede Wereldoorlog het beroemde Hotel Des Indes aan het Lange Voorhout. Het hotel zat zo vol Duitse officieren dat het de bijnaam ‘Wehrmachthotel’ kreeg. Toch verborg Thum in diezelfde jaren onderduikers in de kelders en in een liftschacht, met gevaar voor zijn eigen leven en dat van zijn Joodse vriendin.
Hij stond er niet alleen voor. Een geheimzinnige man, ‘de zwarte duivel’ genoemd, hielp hem. Die man was tegen de nazi’s en werd toch door nazikopstukken beschermd. Postmaa gaat naar hem op zoek.
Postmaa had Thum zelf nog ontmoet. Na de oorlog dreef Thum restaurant Royal, en toen dat met sluiting werd bedreigd, interviewde Postmaa hem voor de krant.
Tijdlijn
Het register van Sepp Thum, van het paleis aan het Lange Voorhout tot het boek dat zijn verhaal vertelt. Wie de zwarte duivel was, staat hier niet; daarvoor moet u het boek lezen.
-
Een paleis voor feesten
Baron Van Brienen van de Groote Lindt, adviseur van koning Willem III, laat aan het Lange Voorhout een stadspaleis bouwen om er feesten te geven. Architect is Arend Roodenburg.
-
Hotel Des Indes opent
Na de dood van de baron wordt het paleis een hotel. Het opent op 1 mei 1881 en wordt vernoemd naar Hotel des Indes in Batavia.
-
Naar Den Haag
De Beierse Sepp Thum begint te werken in Hotel Des Indes.
-
De dood van een ballerina
De Russische danseres Anna Pavlova overlijdt in januari in het hotel, tijdens haar verblijf in Den Haag.
-
De directeur vlucht
In de eerste oorlogsdagen worden de Duitse gezant Julius von Zech-Burkersroda en zijn staf in het hotel vastgehouden, bewaakt door Nederlandse soldaten. Directeur Rey vlucht naar Engeland. De bezetter benoemt Thum tot directeur.
-
Het Wehrmachthotel
Boven logeren Duitse officieren, beneden zitten onderduikers in de kelders. Thum zorgt voor eten, geld en bescherming, samen met zijn Joodse vriendin Irène Donáth. Een geheimzinnige bondgenoot, ‘de zwarte duivel’, helpt hen.
-
Kamp Amersfoort
In de laatste weken van de oorlog wordt Thum opgepakt en in Kamp Amersfoort zo zwaar gemarteld dat hij daarna alleen nog kan schrijven met zijn pen in zijn vuist. Kort voor de bevrijding komt hij vrij.
-
Verdacht omdat hij Duitser is
Na de bevrijding wordt Thum door de Britten opgepakt en vastgezet in Scheveningen, en zijn bezit wordt in beslag genomen. Mensen die hij liet onderduiken getuigen voor hem, onder wie een adjudant van koningin Wilhelmina, een directeur van Shell en de eigenaar van de De Gruyter-winkels. Hij krijgt zijn bezit terug.
-
Restaurant Royal
Thum vertrekt bij Des Indes en drijft het chique Restaurant Royal naast het hotel. Ministers zijn er vaste gasten; ook Moshe Dayan en Arthur Rubinstein eten er.
-
Een nieuwe bewoner
Journalist Casper Postmaa koopt het huis in het Nassaukwartier waar Thum heeft gewoond. Hij ontmoet Thum één keer, in Royal, en is die avond zijn laatste gast.
-
Thum overlijdt
Sepp Thum sterft in het Haagse ziekenhuis Bronovo. Over wat hij in de oorlog deed, heeft hij nooit veel gezegd.
-
Het boek verschijnt
De dag dat de duivel naar Des Indes kwam verschijnt bij Querido Facto.
-
Een standbeeld?
Naar aanleiding van het boek stelt raadslid Constant Martini (Hart voor Den Haag) voor om Thum te eren met een standbeeld bij het hotel. De hoteldirectie zoekt zelf ook naar een manier om deze geschiedenis te gedenken.
Plaatsen
Van het Lange Voorhout tot het Oostenrijkse Burgenland. Klik op een nummer voor de uitleg.
- 1
Hotel Des Indes & restaurant Royal
Lange Voorhout, Den Haag. Het deftige hotel was in de oorlog onderdak voor de top van de Wehrmacht en tegelijk een schuilplaats: onderduikers zaten in de kelders en een liftschacht, sommigen jarenlang. Naast het hotel dreef Thum van 1953 tot 1985 restaurant Royal, waar Postmaa zijn laatste gast was.
- 2
Nassaukwartier
De buurt in Benoordenhout met het herenhuis waar Thum woonde. Decennia later woont Postmaa er, en daar begint zijn zoektocht.
- 3
Balistraat
Behalve in het hotel verborg Thum later ook onderduikers in een huis aan de Balistraat.
- 4
Bronovo
Het ziekenhuis waar Thum in 1985 overleed.
- 5
Scheveningen
Waar Thum na de bevrijding door de Britten gevangen werd gezet.
- 6
Kamp Amersfoort
Het Duitse kamp waar Thum in het voorjaar van 1945 zwaar werd gemarteld.
- 7
Augsburg
Komt in het boek voor. Stad in Beieren, de Zuid-Duitse streek waar Thum vandaan kwam.
- 8
Mauthausen
Komt in het boek voor. Nazi-concentratiekamp bij Linz, van 1938 tot de bevrijding op 5 mei 1945.
- 9
Kobersdorf
Komt in het boek voor. Een van de zeven oude Joodse gemeenten van Burgenland, de Oostenrijkse deelstaat aan de Hongaarse grens. De synagoge uit 1860 staat er nog.
- 10
Rechnitz
Komt in het boek voor. Bij het kasteel van gravin Batthyány werden hier in de nacht van 24 op 25 maart 1945 zo’n tweehonderd Hongaars-Joodse dwangarbeiders vermoord.
De schrijver
Casper Postmaa
Pers
Recensies en artikelen
-
NRCMichel Krielaars · 18 mei 2026
-
Omroep West4 mei 2026
-
ElsevierHans Renders · 2 mei 2026Recensie: Casper Postmaa, De dag dat de duivel naar Des Indes kwam
Recensie in het tijdschrift, p. 86–87
-
TrouwSabine Kok · 30 april 2026
-
TrouwFloor de Booys · 30 april 2026
-
De Groene AmsterdammerChristiaan Weijts · 1 april 2026De stille held van Hotel Des Indes
Dichters & Denkers
-
Dagblad07027 maart 2026
-
Nieuwe Revu14 maart 2026
-
Boeken-cast2026